Dutch Fluency Dutch Fluency NT2

Lezen oefening — Staatsexamen NT2 B1

Oefening #2445 · 2026-10-09 · niveau B1

Opdracht

Lees deze tekst rustig en beantwoord daarna één vraag.

Tekst

Op mijn blog schrijf ik elke week over het gewone leven met drie kinderen. Deze keer gaat het over iets waar ik nooit aan gedacht had: het brengen van de kinderen naar sport en school. Toen mijn oudste dochter vorig jaar begon met hockey, dacht ik dat het wel mee zou vallen. In werkelijkheid ben ik nu vier avonden per week onderweg. De ene dag breng ik haar naar het trainingsveld, de andere dag moet mijn zoon naar voetbal. Mijn jongste zit nog op zwemles. Mijn man en ik hebben een schema gemaakt waarop staat wie rijdt. Dat klinkt streng, maar zonder dat schema wordt het chaos. Soms ruilen we met de ouders van vriendjes, want niet elke ouder kan elke week. Wat mij opvalt, is dat het brengen bijna meer tijd kost dan de sport zelf. Een training duurt een uur, maar met heen en weer rijden ben ik twee uur kwijt. Ik blijf daarom vaak wachten in de kantine of in de auto. Volgens mij praten mensen te weinig over deze verborgen kant van het ouderschap. Iedereen zegt dat sport goed is voor kinderen, en dat is ook zo, maar de ouders betalen de prijs in uren en brandstof. Toch wil ik niet klagen, want mijn dochter bloeit op van het hockey. Ze heeft vriendinnen gekregen en zit beter in haar vel. Mijn buurvrouw Mieke, die vier kinderen heeft, is duidelijker: "Ik vind het zwaar, maar ik doe het graag. Die blije gezichten maken alles goed." Ik ben het met haar eens, al hoop ik stiekem dat de club ooit een busje regelt. Tot die tijd vul ik braaf mijn tank en zet ik mijn schema in de agenda. Zo blijft het overzichtelijk en valt er nog iets te lachen in de kantine.

Vraag

Wat is het belangrijkste punt dat de schrijfster in deze tekst wil maken?

  1. Sport is vooral goed voor de gezondheid van kinderen.
  2. Het brengen van kinderen naar sport kost ouders veel tijd en energie. ✓
  3. De hockeyclub zou een busje moeten regelen voor de leden.

Uitleg

This tests the main idea: the phrase 'wat mij opvalt' and the paragraph about parents paying 'in uren en brandstof' signal the writer's central point, while A and C are only supporting details.

Oefen dit zelf met directe AI-feedback →

Meer oefenen

Alle lezen-oefeningen Staatsexamen NT2 B1Luisteren oefenenSchrijven oefenenSpreken oefenenKNM oefenen