Schrijven oefening — Staatsexamen NT2 B1
Oefening #1554 · 2026-08-03 · niveau B1
Opdracht
Stel je voor: je gaat morgen met een groep vrienden naar een nieuw restaurant in de stad. Een van je vrienden, Sam, heeft voor iedereen een tafel gereserveerd. Maar je hebt een probleem: je moet morgen onverwacht werken. Je wilt het etentje niet helemaal afzeggen, maar je wilt wel vragen of jullie een andere datum kunnen kiezen. Schrijf een korte e-mail aan Sam. In je e-mail moet je: - uitleggen dat je morgen niet kunt, - een ander voorstel doen voor een datum, - vragen of dat beter past, - vriendelijk afsluiten. Schrijf 60-100 woorden. Gebruik een informeel register (je, hoi).
Voorbeeldantwoord
Hoi Sam, het spijt me, maar ik kan morgen toch niet naar het restaurant. Mijn baas vroeg of ik wilde komen werken, omdat er iemand ziek is. Zouden we het etentje kunnen verzetten naar volgende week vrijdag? Dan ben ik vrij en kunnen we rustig eten. Past dat bij jou en de anderen? Laat maar weten wat jullie ervan vinden. Groetjes, [je naam].
Uitleg
This task tests how well you can use bijzinnen (subordinate clauses) with 'omdat' and 'want', where the verb goes to the end of the clause.