Schrijven oefening — Staatsexamen NT2 B1
Oefening #2002 · 2026-09-05 · niveau B1
Opdracht
Je woont in een flatgebouw en je hebt een nieuwe buurvrouw leren kennen. Jullie praten vaak kort bij de lift. Je wilt haar advies vragen over iets in jullie flat: de verwarming maakt 's nachts lawaai. Schrijf een kort bericht (60-100 woorden) aan je buurvrouw (informeel). Vertel: 1) wat het probleem is, 2) wanneer je het hoort, 3) vraag haar om advies (wat zij zou doen). Gebruik in ieder geval het woord 'lawaai'. Let op: je schrijft informeel (je, hoi, groetjes).
Voorbeeldantwoord
Hoi buurvrouw, ik had een vraag over de verwarming in onze flat. 's Nachts hoor ik steeds een vreemd geluid, een soort tikken. Het begint meestal rond twee uur, en dan kan ik niet goed slapen. Ik weet niet of het normaal is of dat er iets stuk is. Heb jij ook wel eens last van het lawaai, of weet je wat ik het beste kan doen? Ik hoor het graag van je. Groetjes, [je naam]
Uitleg
In Dutch, in a subordinate clause (like 'of jij weet wat ik kan doen'), the verb moves to the end – that's the key B1 grammar point here.