Schrijven oefening — Staatsexamen NT2 B1
Oefening #2261 · 2026-09-25 · niveau B1
Opdracht
Je bent lid van een wandelclub en je schrijft een kort verhaaltje voor het clubblad over een leuk uitje dat jullie onlangs hebben gedaan. Denk aan een wandeling, een dagje naar de kust, een bezoek aan een dierentuin, een picknick in het park (kies zelf iets). Schrijf een kort verhaaltje van 60-100 woorden (5-8 zinnen). Doe een voorstel voor een volgend uitje en geef een reden waarom dat leuk zou zijn. Gebruik een informele toon (je/jullie), want het clubblad is voor alle leden. Vergeet de aanhef en een afsluitende groet niet. Let op: schrijf geen zinnen letterlijk over uit de opdracht.
Voorbeeldantwoord
Beste wandelvrienden, Vorige maand gingen we met de club naar de duinen bij Zandvoort. Het was een prachtige dag, hoewel het 's ochtends nog een beetje regende. We liepen bijna tien kilometer en daarna dronken we samen koffie op een terras. Iedereen was heel gezellig en we hebben veel gelachen. Daarom stel ik voor om in oktober naar het bos bij Lage Vuursche te gaan. Daar kunnen we paddenstoelen zoeken, omdat het dan herfst is. Wie vindt dat ook een leuk idee? Groetjes, Fatima
Uitleg
In Dutch subclauses, the verb comes at the end — so after 'omdat', 'hoewel' and 'terwijl' you say 'omdat het herfst is', not 'omdat het is herfst'.