Basisexamen inburgering vs inburgeringsexamen: wat is het verschil?
Je hoort twee termen: basisexamen inburgering en inburgeringsexamen. Veel mensen denken dat dit hetzelfde is, maar dat is niet zo. Het basisexamen doe je vóórdat je naar Nederland komt, het inburgeringsexamen doe je pas als je hier woont. In dit artikel leg ik het verschil duidelijk uit, zodat jij weet welk examen voor jou geldt en hoe je je kunt voorbereiden.
Dit onderscheid is belangrijk, want het bepaalt wat je moet doen om je inburgering te halen. Als je bijvoorbeeld via gezinshereniging komt, moet je eerst het basisexamen in het buitenland doen. Als je hier al bent voor werk of studie, start je vaak meteen met het inburgeringsexamen. De regels kunnen veranderen, dus ik geef je ook tips om actuele informatie te vinden.
Je leest hier wat elk examen inhoudt, hoe de onderdelen verschillen, en welke voorbereiding bij jou past. Je krijgt ook voorbeeldzinnen en een stappenplan, zodat je direct weet wat je deze week kunt doen. Geen paniek: met de juiste uitleg en oefening kun je beide examens halen.
Wat is het basisexamen inburgering?
Het basisexamen inburgering is het examen dat je in het buitenland doet, vóórdat je naar Nederland komt. Het is verplicht voor mensen die via gezinshereniging of gezinsvorming naar Nederland willen. Denk aan iemand die gaat trouwen met een Nederlander of iemand die zich bij zijn gezin wil voegen. Dit examen toont aan dat je al een beetje Nederlands spreekt en weet hoe de Nederlandse samenleving werkt.
Het basisexamen bestaat uit drie onderdelen: spreekvaardigheid, kennis van de Nederlandse samenleving (KNM) en leesvaardigheid. Je doet dit examen bij de Nederlandse ambassade of het consulaat in jouw land. Het is een computer examen, en je moet minimaal een A1-niveau hebben voor spreken en lezen. Dat is een laag niveau, maar je moet wel al een beetje kunnen praten over jezelf en eenvoudige zinnen begrijpen.
Wat is het inburgeringsexamen?
Het inburgeringsexamen is het examen dat je in Nederland doet, nadat je hier bent aangekomen. Dit examen is voor mensen die hier al wonen, bijvoorbeeld voor werk, studie of gezinshereniging nadat ze het basisexamen hebben gehaald. Het inburgeringsexamen is uitgebreider en moeilijker dan het basisexamen. Je moet aantonen dat je Nederlands kunt spreken, luisteren, lezen en schrijven op niveau A2.
Het inburgeringsexamen heeft vier onderdelen: lezen, luisteren, spreken en schrijven. Daarnaast is er het onderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM), dat gaat over normen, waarden en praktische zaken zoals werk zoeken en gezondheidszorg. Je hebt ook een onderdeel 'Oriëntatie op de Nederlandse Arbeidsmarkt' (ONA), maar dat is een portfolio, geen examen. Het inburgeringsexamen moet je binnen drie jaar halen nadat je in Nederland bent ingeschreven.
Verschil in niveau: A1 versus A2
Het grootste verschil tussen het basisexamen en het inburgeringsexamen is het taalniveau. Het basisexamen is op niveau A1, dat is het allereerste niveau. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: 'Ik heet Maria en ik kom uit Syrië.' Je begrijpt korte zinnen en eenvoudige vragen. Het inburgeringsexamen is op niveau A2, dat is een stap hoger. Je kunt dan gesprekken voeren over dagelijkse onderwerpen, zoals boodschappen doen of een afspraak maken bij de dokter.
Voor veel mensen is de stap van A1 naar A2 groot. Bij het basisexamen hoef je alleen te spreken en te lezen, maar bij het inburgeringsexamen moet je ook luisteren en schrijven. Schrijven is voor veel mensen het moeilijkste onderdeel, omdat je dan zelf zinnen moet maken. Het is dus slim om al vroeg te beginnen met oefenen op A2-niveau, ook als je nog bezig bent met het basisexamen.
Voor wie is welk examen verplicht?
Het basisexamen is verplicht voor mensen die een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) nodig hebben. Dat is meestal het geval bij gezinshereniging of gezinsvorming. Als je bijvoorbeeld gaat trouwen met iemand die in Nederland woont, moet je eerst het basisexamen halen voordat je naar Nederland mag. Ook voor adoptie of als je komt werken als kennismigrant, kan het nodig zijn, maar dat hangt van je situatie af.
Het inburgeringsexamen is verplicht voor iedereen die in Nederland komt wonen en niet aan de voorwaarden voldoet om vrijgesteld te worden. Dat zijn bijvoorbeeld mensen die een verblijfsvergunning hebben voor werk of studie, of mensen die via gezinshereniging komen nadat ze het basisexamen hebben gehaald. Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld als je een diploma hebt van een Nederlandse opleiding of als je medisch niet in staat bent om het examen te doen. Het is verstandig om bij DUO te checken of jij moet inburgeren.
Hoe ziet het basisexamen eruit?
Het basisexamen bestaat uit drie onderdelen die je op één dag doet op de computer. Het eerste onderdeel is spreekvaardigheid. Je krijgt vragen te zien en je moet antwoorden in het Nederlands. Bijvoorbeeld: 'Wat is uw naam?' of 'Waar komt u vandaan?' Je spreekt je antwoord in, en dat wordt opgenomen. Het tweede onderdeel is kennis van de Nederlandse samenleving. Je ziet foto's en vragen over Nederland, bijvoorbeeld over fietsen, Sinterklaas of hoe je een huis huurt.
Het derde onderdeel is leesvaardigheid. Je krijgt korte teksten en moet vragen beantwoorden, zoals 'Wat staat er in deze advertentie?' Je hebt voor elk onderdeel een beperkte tijd, dus het is belangrijk om te oefenen met de computer en met tijdsdruk. Je kunt het examen oefenen op de website van DUO, daar staan voorbeeldvragen. Het is ook handig om alvast te wennen aan het gebruik van een koptelefoon, want je moet luisteren en spreken via de computer.
- Voorbeeldvraag spreekvaardigheid: 'Wat doet u in uw vrije tijd?'
- Voorbeeldvraag KNM: 'Wat doe je als het brandalarm gaat?'
- Voorbeeldvraag lezen: 'Lees de brief van de gemeente. Wat moet je doen?'
- Tip: Oefen elke dag 15 minuten met de voorbeeldvragen van DUO.
- Tip: Spreek Nederlands met een taalmaatje of via een app.
Hoe ziet het inburgeringsexamen eruit?
Het inburgeringsexamen heeft vier taalonderdelen en één onderdeel over de maatschappij. Lezen en luisteren zijn computerexamens met meerkeuzevragen. Je leest bijvoorbeeld een e-mail van je werkgever of luistert naar een gesprek bij de huisarts. Spreken en schrijven zijn ook op de computer. Bij spreken moet je zinnen inspreken, zoals 'Kunt u dat herhalen?' of 'Ik wil graag een afspraak maken.' Bij schrijven moet je een formulier invullen of een kort berichtje schrijven, bijvoorbeeld aan je buurvrouw.
Het onderdeel KNM is ook een computerexamen met vragen over de Nederlandse cultuur, zoals feestdagen, omgangsvormen en rechten en plichten. Het ONA-onderdeel is geen examen, maar een portfolio. Je verzamelt bewijsstukken dat je hebt nagedacht over werk zoeken in Nederland, zoals een cv en een motivatiebrief. Je voert ook een gesprek met een adviseur. Het is belangrijk om te weten dat je alle onderdelen apart kunt plannen, dus je hoeft niet alles op één dag te doen.
- Lezen: oefen met teksten over werk, gezondheid en wonen.
- Luisteren: bekijk Nederlandse tv-programma's met ondertiteling.
- Spreken: oefen hardop in de spiegel of met een vriend.
- Schrijven: schrijf elke dag een kort berichtje, bijvoorbeeld over je dag.
- KNM: leer over de Nederlandse gewoontes, zoals verjaardagen vieren.
- ONA: maak een cv en oefen een sollicitatiegesprek.
Praktische voorbeeldzinnen voor beide examens
- Voor het basisexamen: 'Ik heet [naam] en ik kom uit [land].'
- Voor het basisexamen: 'Ik wil graag een afspraak maken bij de gemeente.'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Kunt u dat langzamer zeggen, alstublieft?'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Ik heb een vraag over mijn huurcontract.'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Ik wil graag mijn adres wijzigen bij de gemeente.'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Kunt u mij helpen met dit formulier?'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Ik ben gisteren naar de dokter geweest.'
- Voor het inburgeringsexamen: 'Ik wil een afspraak maken voor een sollicitatiegesprek.'
Stappenplan: wat doe je deze week?
Of je nu het basisexamen of het inburgeringsexamen moet doen, een duidelijk plan helpt. Begin met het controleren van jouw situatie bij DUO. Log in met je DigiD en kijk welke examens je moet doen en wanneer je uiterste datum is. Zo weet je hoeveel tijd je hebt en kun je een planning maken. Schrijf deze datum op een kalender en werk daar naartoe.
Plan elke dag een half uur om te oefenen. Kies één onderdeel per dag, bijvoorbeeld maandag lezen, dinsdag luisteren, woensdag spreken, donderdag schrijven en vrijdag KNM. Gebruik de oefenexamens van DUO en de Dutch Fluency app voor extra oefening. Zorg dat je ook af en toe met een Nederlander praat, bijvoorbeeld tijdens het boodschappen doen of op de markt. Zo raak je gewend aan de taal in het echt.
- Stap 1: Log in op Mijn Inburgering met je DigiD en check je examens.
- Stap 2: Maak een weekplanning met 30 minuten oefenen per dag.
- Stap 3: Doe elke week een oefenexamen van DUO om je niveau te testen.
- Stap 4: Praat elke dag Nederlands, ook al is het maar 5 minuten.
- Stap 5: Vraag een taalmaatje of vrijwilliger om samen te oefenen.
- Stap 6: Plan je examens op tijd, zodat je niet in tijdnood komt.
Veelgemaakte fouten (en wat wél werkt)
- Fout: Alleen lezen en luisteren oefenen, maar niet spreken en schrijven. Fix: Oefen alle onderdelen, ook als je ze moeilijk vindt.
- Fout: Te laat beginnen met oefenen voor het examen. Fix: Begin minstens 3 maanden van tevoren met dagelijks oefenen.
- Fout: Geen oefenexamens doen, waardoor je niet weet hoe het eruitziet. Fix: Doe elke week een oefenexamen van DUO.
- Fout: Alleen thuis oefenen en nooit met Nederlanders praten. Fix: Zoek een taalmaatje of praat met je buren.
- Fout: Denken dat je het examen in één keer moet halen. Fix: Je mag herkansen, dus maak je niet te veel zorgen.
Mini checklist voor je examen
- Check of je basisexamen of inburgeringsexamen moet doen.
- Log in op Mijn Inburgering en bekijk je termijnen.
- Maak een planning en noteer je examendata.
- Oefen elke dag met de Dutch Fluency app en de DUO-voorbeelden.
- Praat Nederlands met vrienden, familie of buren.
- Zorg dat je een geldig paspoort of ID hebt voor het examen.
Zo oefen je dit (Dutch Fluency + erbij)
Bij Dutch Fluency begrijpen we dat inburgeren spannend is. Daarom hebben we oefenexamens die lijken op de echte toetsen. Je kunt bijvoorbeeld het onderdeel lezen oefenen met teksten over werk of gezondheid, en bij spreken krijg je vragen die je hardop beantwoordt. Zo weet je precies wat je kunt verwachten en word je rustiger.
Gebruik de app naast je studieboek of cursus. Je kunt per onderdeel oefenen, en de app geeft direct feedback. Zo zie je snel waar je nog moet verbeteren. Begin vandaag nog met een oefentest, dan weet je waar je staat. En onthoud: elke dag een beetje oefenen is beter dan één keer per week lang studeren.
Doe nu een gratis oefentest →Direct oefenen
- Alles over het inburgeringsexamen A2
- Oefen voor het onderdeel KNM
- Meer artikelen over leven in Nederland
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen het basisexamen en het inburgeringsexamen?
Het basisexamen doe je in het buitenland voordat je naar Nederland komt, op niveau A1. Het inburgeringsexamen doe je in Nederland, op niveau A2. Het basisexamen heeft drie onderdelen, het inburgeringsexamen heeft vijf onderdelen.
Moet ik zowel het basisexamen als het inburgeringsexamen doen?
Ja, als je via gezinshereniging komt, moet je eerst het basisexamen halen en daarna in Nederland het inburgeringsexamen. Als je hier al woont voor werk of studie, hoef je alleen het inburgeringsexamen te doen.
Is het basisexamen makkelijker dan het inburgeringsexamen?
Ja, het basisexamen is op niveau A1 en heeft minder onderdelen. Het inburgeringsexamen is op niveau A2 en omvat ook schrijven en luisteren. Toch moet je voor beide examens goed oefenen.
Kan ik het inburgeringsexamen doen zonder het basisexamen?
Dat hangt af van je situatie. Als je een mvv nodig hebt, moet je eerst het basisexamen halen. Als je al een verblijfsvergunning hebt zonder mvv, kun je direct het inburgeringsexamen doen.
Hoe lang van tevoren moet ik me voorbereiden op het basisexamen?
De meeste mensen hebben 3 tot 6 maanden nodig om het basisexamen te halen. Begin met oefenen zodra je weet dat je naar Nederland komt, en oefen elke dag een half uur.
Wat gebeurt er als ik het inburgeringsexamen niet haal?
Je kunt de onderdelen die je niet haalt, opnieuw doen. Je hebt meestal drie jaar de tijd om alles te halen. Als je niet op tijd klaar bent, kan dat gevolgen hebben voor je verblijfsvergunning, dus plan goed.
Andere gidsen en examentips
- Inburgeringsexamen spreken oefenen: zo beschrijf je een foto (A2)
- Het inburgeringsexamen: alle onderdelen uitgelegd (A2)
- KNM oefenen: Kennis van de Nederlandse Maatschappij (inburgering)
- Gratis oefenen voor het inburgeringsexamen (A2): zo begin je vandaag
- Staatsexamen NT2 of inburgeringsexamen: wat is het verschil?
- Staatsexamen NT2: alle onderdelen uitgelegd (B1 en B2)
- Inburgeringsexamen aanmelden DUO: zo doe je dat
- Inburgeringsexamen A2 complete gids 2025
- Staatsexamen NT2 programma I: alles wat je moet weten
- Inburgering luisteren oefenen A2: zo pak je het aan
- Oefenexamens NT2: zo haal je jouw inburgeringsexamen
- NT2 Luisteren Oefenen: Zo Pak Je Het Aan (A2-B1)
Lees ook alle artikelen over inburgering, NT2 en de Nederlandse cultuur →
Basic Civic Integration Exam Abroad vs Civic Integration Exam in the Netherlands: What's the Differe
You hear two terms: the basic civic integration exam abroad and the civic integration exam in the Netherlands. Many people think these are the same, but they are not. You take the basic exam before you come to the Netherlands, and you take the civic integration exam only after you live here. In this article, I explain the difference clearly, so you know which exam applies to you and how to prepare.
This distinction is important because it determines what you need to do to pass your civic integration. For example, if you come through family reunification, you must first take the basic exam abroad. If you are already here for work or study, you often start directly with the civic integration exam. The rules can change, so I also give you tips to find current information.
Here you read what each exam involves, how the components differ, and which preparation suits you. You also get example sentences and a step-by-step plan, so you know exactly what you can do this week. No panic: with the right explanation and practice, you can pass both exams.
What is the basic civic integration exam abroad?
The basic civic integration exam abroad is the exam you take outside the Netherlands, before you come to the country. It is mandatory for people who want to come to the Netherlands through family reunification or family formation. Think of someone who is going to marry a Dutch person or someone who wants to join their family. This exam shows that you already speak a little Dutch and know how Dutch society works.
The basic exam consists of three parts: speaking, knowledge of Dutch society (KNM), and reading. You take this exam at the Dutch embassy or consulate in your country. It is a computer-based exam, and you need at least A1 level for speaking and reading. That is a low level, but you still need to be able to talk a little about yourself and understand simple sentences.
What is the civic integration exam?
The civic integration exam is the exam you take in the Netherlands, after you have arrived. This exam is for people who already live here, for example for work, study, or family reunification after passing the basic exam. The civic integration exam is more extensive and more difficult than the basic exam. You must show that you can speak, listen, read, and write Dutch at A2 level.
The civic integration exam has four language parts: reading, listening, speaking, and writing. In addition, there is the Knowledge of Dutch Society (KNM) component, which covers norms, values, and practical matters such as job hunting and healthcare. You also have a component called 'Orientation on the Dutch Labor Market' (ONA), but that is a portfolio, not an exam. You must pass the civic integration exam within three years of registering in the Netherlands.
Difference in level: A1 versus A2
The biggest difference between the basic exam and the civic integration exam is the language level. The basic exam is at A1 level, which is the very first level. You can say, for example: 'My name is Maria and I come from Syria.' You understand short sentences and simple questions. The civic integration exam is at A2 level, which is one step higher. You can then have conversations about everyday topics, such as grocery shopping or making a doctor's appointment.
For many people, the step from A1 to A2 is big. For the basic exam, you only need to speak and read, but for the civic integration exam, you also need to listen and write. Writing is the most difficult part for many people, because you have to make sentences yourself. So it is wise to start practicing at A2 level early, even if you are still busy with the basic exam.
Who is required to take which exam?
The basic exam is mandatory for people who need a provisional residence permit (mvv). This is usually the case with family reunification or family formation. For example, if you are going to marry someone who lives in the Netherlands, you must first pass the basic exam before you are allowed to come to the Netherlands. It can also be required for adoption or if you come to work as a highly skilled migrant, but that depends on your situation.
The civic integration exam is mandatory for everyone who comes to live in the Netherlands and does not meet the conditions for an exemption. These are, for example, people who have a residence permit for work or study, or people who come through family reunification after passing the basic exam. There are exceptions, for example if you have a diploma from a Dutch educational program or if you are medically unable to take the exam. It is wise to check with DUO whether you must integrate.
What does the basic exam look like?
The basic exam consists of three parts that you take on one day on the computer. The first part is speaking. You see questions and you must answer in Dutch. For example: 'What is your name?' or 'Where are you from?' You speak your answer, and it is recorded. The second part is knowledge of Dutch society. You see photos and questions about the Netherlands, for example about cycling, Sinterklaas, or how to rent a house.
The third part is reading. You get short texts and must answer questions, such as 'What does this advertisement say?' You have a limited time for each part, so it is important to practice with the computer and with time pressure. You can practice the exam on the DUO website, where there are sample questions. It is also handy to get used to using a headset, because you must listen and speak via the computer.
- Sample speaking question: 'What do you do in your free time?'
- Sample KNM question: 'What do you do when the fire alarm goes off?'
- Sample reading question: 'Read the letter from the municipality. What must you do?'
- Tip: Practice with the DUO sample questions for 15 minutes every day.
- Tip: Speak Dutch with a language buddy or via an app.
What does the civic integration exam look like?
The civic integration exam has four language parts and one part about society. Reading and listening are computer exams with multiple-choice questions. You read, for example, an email from your employer or listen to a conversation at the doctor's office. Speaking and writing are also on the computer. For speaking, you must speak sentences, such as 'Could you repeat that?' or 'I would like to make an appointment.' For writing, you must fill in a form or write a short message, for example to your neighbor.
The KNM component is also a computer exam with questions about Dutch culture, such as holidays, manners, and rights and obligations. The ONA component is not an exam, but a portfolio. You collect evidence that you have thought about finding work in the Netherlands, such as a CV and a cover letter. You also have a conversation with an advisor. It is important to know that you can schedule all parts separately, so you do not have to do everything on one day.
- Reading: practice with texts about work, health, and housing.
- Listening: watch Dutch TV programs with subtitles.
- Speaking: practice out loud in the mirror or with a friend.
- Writing: write a short message every day, for example about your day.
- KNM: learn about Dutch customs, such as celebrating birthdays.
- ONA: make a CV and practice a job interview.
Practical example sentences for both exams
- For the basic exam: 'My name is [name] and I come from [country].'
- For the basic exam: 'I would like to make an appointment at the municipality.'
- For the civic integration exam: 'Could you speak more slowly, please?'
- For the civic integration exam: 'I have a question about my rental contract.'
- For the civic integration exam: 'I would like to change my address at the municipality.'
- For the civic integration exam: 'Can you help me with this form?'
- For the civic integration exam: 'I went to the doctor yesterday.'
- For the civic integration exam: 'I want to make an appointment for a job interview.'
Step-by-step plan: what do you do this week?
Whether you need to take the basic exam or the civic integration exam, a clear plan helps. Start by checking your situation with DUO. Log in with your DigiD and see which exams you must take and what your deadline is. This way you know how much time you have and you can make a schedule. Write this date on a calendar and work towards it.
Plan half an hour of practice every day. Choose one part per day, for example Monday reading, Tuesday listening, Wednesday speaking, Thursday writing, and Friday KNM. Use the practice exams from DUO and the Dutch Fluency app for extra practice. Also make sure you occasionally talk with a Dutch person, for example while grocery shopping or at the market. This way you get used to the language in real life.
- Step 1: Log in to My Civic Integration with your DigiD and check your exams.
- Step 2: Make a weekly schedule with 30 minutes of practice per day.
- Step 3: Do a practice exam from DUO every week to test your level.
- Step 4: Speak Dutch every day, even if it is only 5 minutes.
- Step 5: Ask a language buddy or volunteer to practice together.
- Step 6: Schedule your exams on time, so you do not run out of time.
Common mistakes (and what works instead)
- Mistake: Only practicing reading and listening, but not speaking and writing. Fix: Practice all parts, even if you find them difficult.
- Mistake: Starting to practice too late for the exam. Fix: Start at least 3 months in advance with daily practice.
- Mistake: Not doing practice exams, so you do not know what it looks like. Fix: Do a practice exam from DUO every week.
- Mistake: Only practicing at home and never talking with Dutch people. Fix: Find a language buddy or talk with your neighbors.
- Mistake: Thinking you must pass the exam in one go. Fix: You can retake it, so do not worry too much.
Mini checklist for your exam
- Check whether you need to take the basic exam or the civic integration exam.
- Log in to My Civic Integration and check your deadlines.
- Make a schedule and note your exam dates.
- Practice every day with the Dutch Fluency app and the DUO examples.
- Speak Dutch with friends, family, or neighbors.
- Make sure you have a valid passport or ID for the exam.
How to practice this (Dutch Fluency + extra)
At Dutch Fluency, we understand that integrating is exciting. That is why we have practice exams that resemble the real tests. For example, you can practice the reading part with texts about work or health, and for speaking you get questions that you answer out loud. This way you know exactly what to expect and you become calmer.
Use the app alongside your study book or course. You can practice per part, and the app gives direct feedback. This way you quickly see where you still need to improve. Start today with a practice test, so you know where you stand. And remember: practicing a little every day is better than studying for a long time once a week.
Doe nu een gratis oefentest →Practice now
- Alles over het inburgeringsexamen A2
- Oefen voor het onderdeel KNM
- Meer artikelen over leven in Nederland
Frequently asked questions
What is the difference between the basic exam and the civic integration exam?
You take the basic exam abroad before coming to the Netherlands, at A1 level. You take the civic integration exam in the Netherlands, at A2 level. The basic exam has three parts, the civic integration exam has five parts.
Do I need to take both the basic exam and the civic integration exam?
Yes, if you come through family reunification, you must first pass the basic exam and then take the civic integration exam in the Netherlands. If you already live here for work or study, you only need to take the civic integration exam.
Is the basic exam easier than the civic integration exam?
Yes, the basic exam is at A1 level and has fewer parts. The civic integration exam is at A2 level and also includes writing and listening. Still, you need to practice well for both exams.
Can I take the civic integration exam without the basic exam?
That depends on your situation. If you need an mvv, you must first pass the basic exam. If you already have a residence permit without an mvv, you can take the civic integration exam directly.
How long in advance should I prepare for the basic exam?
Most people need 3 to 6 months to pass the basic exam. Start practicing as soon as you know you are coming to the Netherlands, and practice for half an hour every day.
What happens if I do not pass the civic integration exam?
You can retake the parts you did not pass. You usually have three years to pass everything. If you are not done on time, it can have consequences for your residence permit, so plan well.
More guides and exam tips
- Inburgeringsexamen spreken oefenen: zo beschrijf je een foto (A2)
- Het inburgeringsexamen: alle onderdelen uitgelegd (A2)
- KNM oefenen: Kennis van de Nederlandse Maatschappij (inburgering)
- Gratis oefenen voor het inburgeringsexamen (A2): zo begin je vandaag
- Staatsexamen NT2 of inburgeringsexamen: wat is het verschil?
- Staatsexamen NT2: alle onderdelen uitgelegd (B1 en B2)
- Registering for the Civic Integration Exam with DUO: How to Do It
- Civic Integration Exam A2 Complete Guide 2025
- State Exam NT2 Program I: Everything You Need to Know
- Inburgering Listening Practice A2: How to Tackle It
- NT2 Practice Exams: How to Pass Your Civic Integration Exam
- Practice NT2 Listening: How to Tackle It (A2-B1)