KNM examen oefenen: zo pak je het slim aan
Je zoekt 'knm examen oefenen' en wilt waarschijnlijk één ding: weten hoe je je goed voorbereidt op dit onderdeel van de inburgering. Het KNM-examen (Kennis van de Nederlandse Maatschappij) is geen taaltoets, maar een toets over hoe het leven in Nederland werkt. Je hoeft geen perfect Nederlands te spreken, maar je moet wel begrijpen hoe dingen hier gaan, van zorg tot werk en van wonen tot omgangsvormen.
Misschien voel je spanning, want het examen is verplicht en je wilt niet zakken. Dat begrijp ik. Maar weet dat veel mensen slagen, ook als ze niet perfect Nederlands spreken. Het KNM-examen is namelijk een kennistoets: je leert de onderwerpen, je oefent met voorbeelden, en je gaat met vertrouwen naar het examen. In deze gids lees je precies wat je moet doen, welke fouten je moet vermijden, en hoe je met gerichte oefening je slagingskans vergroot.
Ik neem je mee in de praktijk: hoe ziet het examen eruit, welke situaties komen aan bod, en hoe oefen je thuis of met de Dutch Fluency app? Je krijgt voorbeeldzinnen, een stappenplan en een checklist. Zo weet je straks precies waar je aan toe bent en kun je rustig beginnen.
Wat is het KNM-examen en waarom is het belangrijk?
Het KNM-examen is een onderdeel van de inburgering. Het gaat niet om grammatica of woordjes, maar om kennis van de Nederlandse samenleving. Je leert over normen en waarden, wonen, gezondheidszorg, onderwijs, werk, geldzaken, verkeer en omgang met instanties. Het doel is dat je je weg kunt vinden in het dagelijks leven in Nederland.
Het examen duurt ongeveer 45 minuten en bestaat uit meerkeuzevragen. Je kijkt naar filmpjes en beantwoordt vragen over die situaties. Je hoeft niet te schrijven of te spreken, alleen te kiezen uit antwoorden. De vragen zijn praktisch: 'Wat doe je als je kind koorts heeft?' of 'Waar vraag je een nieuw paspoort aan?' Het is dus geen taaltoets, maar een toets van je kennis.
Waarom is dit belangrijk? Omdat de overheid wil dat je zelfstandig kunt functioneren in Nederland. Als je weet hoe de huisarts werkt, hoe je een huurcontract afsluit of hoe je je kind aanmeldt op school, dan voel je je zekerder en kun je beter meedoen. Het examen is dus geen obstakel, maar een hulpmiddel om je weg te vinden.
Hoe kun je KNM examen oefenen?
Er zijn verschillende manieren om te oefenen voor het KNM-examen. De belangrijkste is: oefen met echte voorbeelden en leer de onderwerpen. Je kunt oefenen met de oefenexamens van DUO, maar ook met de Dutch Fluency app die speciaal is gemaakt voor de inburgering. Het is slim om af te wisselen: kijk naar video's, lees teksten, en beantwoord oefenvragen.
Begin met het leren van de onderwerpen. Maak een lijst van de thema's die vaak voorkomen: zorg, werk, onderwijs, geld, wonen, verkeer, en omgangsvormen. Zoek voor elk thema uit hoe het werkt in Nederland. Bijvoorbeeld: hoe werkt de zorgverzekering? Wat is een eigen risico? Hoe schrijf je je kind in op school? Als je deze kennis hebt, dan kun je de vragen beter begrijpen.
Daarna ga je oefenen met examenvragen. Je vindt online veel oefenmateriaal, maar let op: niet alles is even goed. Gebruik materiaal dat lijkt op het echte examen. De Dutch Fluency app heeft oefenvragen in dezelfde stijl als het echte examen, met filmpjes en meerkeuzevragen. Zo weet je zeker dat je oefent op de goede manier.
- Maak een lijst van de thema's: zorg, werk, onderwijs, geld, wonen, verkeer, omgangsvormen.
- Leer per thema de belangrijkste feiten: wat doe je, waar ga je heen, wie helpt je?
- Oefen met oefenexamens van DUO of de Dutch Fluency app.
- Bekijk video's over het dagelijks leven in Nederland, bijvoorbeeld van Zapp of andere programma's.
- Praat met Nederlanders over hoe dingen werken, bijvoorbeeld je buren of collega's.
- Herhaal elke week een thema, zodat je het onthoudt.
Welke onderwerpen komen altijd terug?
Sommige onderwerpen komen altijd terug in het KNM-examen. Het is slim om die extra goed te oefenen. Denk aan: gezondheidszorg, werk en uitkering, onderwijs, wonen en huur, geldzaken en belasting, verkeer en vervoer, en omgangsvormen. Elk onderwerp heeft typische situaties die je moet kennen.
Bijvoorbeeld bij gezondheidszorg: je moet weten dat je eerst naar de huisarts gaat, en dat de huisarts je doorverwijst naar het ziekenhuis. Je moet weten wat een zorgverzekering is en dat je die verplicht moet afsluiten. Bij werk: je moet weten dat je een contract hebt, dat je rechten hebt, en dat je je kunt inschrijven bij een uitzendbureau.
Bij geldzaken: je moet weten hoe je een rekening opent, hoe je belastingaangifte doet, en wat toeslagen zijn. Bij wonen: je moet weten dat je een huurcontract tekent, dat je borg betaalt, en dat je je moet inschrijven bij de gemeente. Bij verkeer: je moet weten dat je rechts rijdt, dat je voorrang geeft aan rechts, en dat je een fietsverlichting moet hebben. Deze onderwerpen zijn de kern van het examen.
- Zorg: huisarts, zorgverzekering, apotheek, ziekenhuis.
- Werk: contract, salaris, ontslag, uitkering, uitzendbureau.
- Onderwijs: school inschrijven, ouderavond, stages.
- Geld: bankrekening, belasting, toeslagen, betalen.
- Wonen: huurcontract, borg, gemeente inschrijven, overlast.
- Verkeer: voorrang, fiets, openbaar vervoer, rijbewijs.
- Omgangsvormen: begroeten, op tijd komen, afspraken maken.
Praktische voorbeeldzinnen voor het KNM-examen
Tijdens het KNM-examen krijg je filmpjes te zien van alledaagse situaties. Daarna beantwoord je vragen over die situaties. Het is handig om de taal te kennen die in die situaties wordt gebruikt. Hier zijn voorbeeldzinnen die je vaak hoort of zelf kunt gebruiken in het dagelijks leven. Oefen ze hardop, zodat je ze herkent op het examen.
Deze zinnen helpen je niet alleen bij het examen, maar ook in het echte leven. Als je weet wat een huisarts zegt of wat een verhuurder vraagt, dan voel je je zekerder. Lees ze een paar keer, spreek ze na, en probeer ze te gebruiken in gesprekken.
- Bij de huisarts: 'Ik heb een afspraak om 10 uur. Ik heb last van mijn keel.'
- Bij de apotheek: 'Ik kom mijn medicijnen ophalen. Heeft u een recept nodig?'
- Op het werk: 'Ik heb een contract voor 32 uur per week. Mijn salaris wordt elke maand gestort.'
- Bij de gemeente: 'Ik wil me inschrijven op dit adres. Heeft u mijn paspoort nodig?'
- Bij de woningbouwvereniging: 'Ik wil een huurcontract tekenen. Wat is de borg?'
- Bij de school: 'Ik wil mijn kind aanmelden voor groep 3. Wat moet ik meenemen?'
- In de winkel: 'Ik wil dit terugbrengen, het past niet. Kan ik mijn geld terugkrijgen?'
- In het verkeer: 'Mag ik hier parkeren? Nee, dit is een invalidenparkeerplaats.'
Stappenplan: zo oefen je deze week voor het KNM-examen
Een goede voorbereiding is het halve werk. Volg dit stappenplan en je zult merken dat je steeds zekerder wordt. Plan elke dag een half uur tot een uur in om te oefenen. Het is beter om elke dag kort te oefenen dan één keer per week lang.
Dit stappenplan is praktisch en haalbaar. Je kunt het aanpassen aan je eigen tempo, maar probeer het wel elke dag te doen. Consistentie is belangrijker dan perfectie.
- Maandag: Kies één thema, bijvoorbeeld zorg. Lees een tekst over zorg in Nederland en maak een lijst van 10 woorden die je niet kent.
- Dinsdag: Bekijk een video over zorg, bijvoorbeeld over de huisarts. Schrijf op wat je ziet en welke vragen je zou kunnen krijgen.
- Woensdag: Doe een oefenexamen over zorg in de Dutch Fluency app. Kijk welke vragen je fout hebt en lees de uitleg.
- Donderdag: Herhaal de woorden van maandag en oefen de voorbeeldzinnen hardop.
- Vrijdag: Kies een nieuw thema, bijvoorbeeld werk. Herhaal de stappen van maandag en dinsdag.
- Zaterdag: Doe een volledig oefenexamen van 45 minuten. Simuleer de examensituatie: ga rustig zitten, zet je telefoon uit.
- Zondag: Kijk terug op de week. Wat ging goed? Wat moet beter? Maak een plan voor de volgende week.
Veelgemaakte fouten bij het oefenen (en wat wél werkt)
Veel mensen maken dezelfde fouten bij het oefenen voor het KNM-examen. Een veelgemaakte fout is dat ze alleen maar oefenvragen maken, zonder de theorie te leren. Dan blijven ze gokken en leren ze niet waarom een antwoord goed is. Het is beter om eerst de onderwerpen te leren en daarna te oefenen.
Een andere fout is dat ze te veel focussen op taal. Het KNM-examen is geen taaltoets, dus je hoeft niet perfect Nederlands te spreken. Je moet wel de woorden begrijpen die in de vragen staan. Oefen dus met woorden die vaak voorkomen, zoals 'verzekering', 'huurcontract', 'afspraak', 'vergunning'.
Ook maken mensen de fout om niet te herhalen. Je leert niet alles in één keer. Herhaling is belangrijk om het te onthouden. Plan elke week een herhalingsmoment in, bijvoorbeeld op zondag. En oefen met verschillende soorten materiaal: video's, teksten, oefenvragen. Zo blijf je gemotiveerd en leer je beter.
- Fout: Alleen oefenvragen maken zonder de theorie te leren. Fix: Leer eerst de onderwerpen, maak aantekeningen.
- Fout: Te veel focussen op grammatica. Fix: Focus op woorden en situaties, niet op zinsbouw.
- Fout: Niet herhalen. Fix: Plan elke week een herhalingsmoment.
- Fout: Alleen maar lezen, niet luisteren. Fix: Kijk video's en luister naar gesprekken.
- Fout: Geen examensimulatie. Fix: Doe minstens één keer een volledig oefenexamen in 45 minuten.
Mini checklist voor de dag van het examen
Op de dag van het examen wil je rustig en voorbereid zijn. Gebruik deze checklist om te controleren of je alles hebt gedaan. Zo voorkom je stress op het laatste moment.
- Ik heb mijn ID-bewijs en uitnodiging voor het examen meegenomen.
- Ik weet hoe ik bij het examencentrum kom en ben op tijd vertrokken.
- Ik heb een goede nachtrust gehad en heb iets gegeten.
- Ik heb mijn telefoon uitgezet en leg hem in mijn tas.
- Ik heb de belangrijkste onderwerpen nog even doorgenomen.
- Ik heb vertrouwen in mezelf: ik heb geoefend en ik kan dit.
Zo oefen je met Dutch Fluency (en waarom het werkt)
Dutch Fluency heeft een speciale module voor het KNM-examen. Je vindt er oefenvragen die lijken op het echte examen, met video's en meerkeuzevragen. Je krijgt direct feedback en uitleg bij elke vraag, zodat je begrijpt waarom een antwoord goed of fout is. Dit is veel effectiever dan alleen maar oefenen zonder uitleg.
De app is gemaakt voor nieuwkomers en gebruikt duidelijke taal. Je kunt oefenen op je eigen niveau en in je eigen tempo. Je ziet je voortgang en weet precies welke onderwerpen je nog moet verbeteren. Zo kun je gericht oefenen en hoef je geen tijd te verspillen aan dingen die je al weet.
Als je serieus wilt oefenen voor het KNM-examen, probeer dan de Dutch Fluency app. Je kunt beginnen met een gratis proefperiode en daarna kiezen voor een abonnement. Het is een investering in je toekomst, want met een voldoende voor het KNM-examen ben je een stap dichter bij je inburgering.
Start nu met oefenen →Direct oefenen
- Alles over de inburgering op A2-niveau
- KNM oefenen met Dutch Fluency
- Doe een proefexamen
- Meer artikelen over leven in Nederland
Veelgestelde vragen
Wat is het KNM-examen precies?
Het KNM-examen is een onderdeel van de inburgering. Het test je kennis van de Nederlandse maatschappij, zoals zorg, werk, wonen en omgangsvormen. Je kijkt naar filmpjes en beantwoordt meerkeuzevragen. Het is geen taaltoets, maar een kennistoets.
Hoe lang duurt het KNM-examen?
Het KNM-examen duurt ongeveer 45 minuten. Je krijgt een aantal filmpjes te zien en moet daarna vragen beantwoorden. De exacte duur kan variëren, dus controleer de uitnodiging van DUO.
Hoeveel vragen heeft het KNM-examen?
Het aantal vragen kan verschillen. Meestal zijn het rond de 40 meerkeuzevragen. Het is niet belangrijk om het exacte aantal te weten, maar wel om te oefenen met verschillende soorten vragen.
Wat is een voldoende score voor het KNM-examen?
Je moet minimaal een 6,5 halen om te slagen voor het KNM-examen. De score wordt berekend op basis van het aantal goede antwoorden. Controleer bij DUO wat de huidige norm is, want die kan veranderen.
Kan ik het KNM-examen online oefenen?
Ja, er zijn veel online oefenmogelijkheden. De Dutch Fluency app heeft oefenvragen die lijken op het echte examen. Ook op de website van DUO vind je oefenmateriaal. Zorg dat je oefent met materiaal dat actueel is.
Wat moet ik meenemen naar het KNM-examen?
Neem je geldige identiteitsbewijs (paspoort, ID-kaart of verblijfsdocument) en de uitnodiging van DUO mee. Zet je telefoon uit en leg hem in je tas. Het is ook handig om een pen mee te nemen, maar meestal is dat niet nodig.
Andere gidsen en examentips
- Inburgeringsexamen spreken oefenen: zo beschrijf je een foto (A2)
- Het inburgeringsexamen: alle onderdelen uitgelegd (A2)
- KNM oefenen: Kennis van de Nederlandse Maatschappij (inburgering)
- Gratis oefenen voor het inburgeringsexamen (A2): zo begin je vandaag
- Staatsexamen NT2 of inburgeringsexamen: wat is het verschil?
- Staatsexamen NT2: alle onderdelen uitgelegd (B1 en B2)
- Inburgeringsexamen aanmelden DUO: zo doe je dat
- Inburgeringsexamen A2 complete gids 2025
- Staatsexamen NT2 programma I: alles wat je moet weten
- Inburgering luisteren oefenen A2: zo pak je het aan
- Oefenexamens NT2: zo haal je jouw inburgeringsexamen
- NT2 Luisteren Oefenen: Zo Pak Je Het Aan (A2-B1)
Lees ook alle artikelen over inburgering, NT2 en de Nederlandse cultuur →
KNM exam practice: how to do it smartly
You are looking for 'knm examen oefenen' and probably want one thing: to know how to prepare well for this part of the civic integration exam. The KNM exam (Knowledge of Dutch Society) is not a language test, but a test about how life in the Netherlands works. You don't need to speak perfect Dutch, but you do need to understand how things work here, from healthcare to work, and from housing to social norms.
Maybe you feel nervous, because the exam is mandatory and you don't want to fail. I understand that. But know that many people pass, even if they don't speak perfect Dutch. The KNM exam is a knowledge test: you learn the topics, you practice with examples, and you go to the exam with confidence. In this guide, you'll read exactly what to do, which mistakes to avoid, and how to increase your chances of passing with targeted practice.
I'll take you through the practical side: what the exam looks like, which situations come up, and how to practice at home or with the Dutch Fluency app. You'll get example sentences, a step-by-step plan, and a checklist. That way, you'll know exactly where you stand and can start calmly.
What is the KNM exam and why is it important?
The KNM exam is part of the civic integration process. It's not about grammar or vocabulary, but about knowledge of Dutch society. You learn about norms and values, housing, healthcare, education, work, money matters, traffic, and dealing with institutions. The goal is that you can find your way in daily life in the Netherlands.
The exam takes about 45 minutes and consists of multiple-choice questions. You watch videos and answer questions about those situations. You don't need to write or speak, just choose from answers. The questions are practical: 'What do you do if your child has a fever?' or 'Where do you apply for a new passport?' So it's not a language test, but a test of your knowledge.
Why is this important? Because the government wants you to be able to function independently in the Netherlands. If you know how the GP works, how to sign a rental contract, or how to enroll your child in school, you'll feel more confident and can participate better. So the exam is not an obstacle, but a tool to help you find your way.
How can you practice for the KNM exam?
There are several ways to practice for the KNM exam. The most important one is: practice with real examples and learn the topics. You can practice with the practice exams from DUO, but also with the Dutch Fluency app that is specially made for civic integration. It's smart to mix it up: watch videos, read texts, and answer practice questions.
Start by learning the topics. Make a list of the themes that often come up: healthcare, work, education, money, housing, traffic, and social norms. For each theme, find out how it works in the Netherlands. For example: how does health insurance work? What is a deductible? How do you enroll your child in school? Once you have this knowledge, you can understand the questions better.
Then practice with exam questions. You'll find a lot of practice material online, but be careful: not everything is equally good. Use material that resembles the real exam. The Dutch Fluency app has practice questions in the same style as the real exam, with videos and multiple-choice questions. That way, you know you're practicing the right way.
- Make a list of the themes: healthcare, work, education, money, housing, traffic, social norms.
- Learn the key facts per theme: what do you do, where do you go, who helps you?
- Practice with practice exams from DUO or the Dutch Fluency app.
- Watch videos about daily life in the Netherlands, for example from Zapp or other programs.
- Talk to Dutch people about how things work, for example your neighbors or colleagues.
- Repeat a theme every week so you remember it.
Which topics always come back?
Some topics always come back in the KNM exam. It's smart to practice those extra well. Think of: healthcare, work and benefits, education, housing and rent, money and taxes, traffic and transport, and social norms. Each topic has typical situations you need to know.
For example, in healthcare: you need to know that you first go to the GP, and that the GP refers you to the hospital. You need to know what health insurance is and that you are required to take it out. In work: you need to know that you have a contract, that you have rights, and that you can register with a temp agency.
In money matters: you need to know how to open an account, how to file taxes, and what allowances are. In housing: you need to know that you sign a rental contract, that you pay a deposit, and that you must register with the municipality. In traffic: you need to know that you drive on the right, that you give way to traffic from the right, and that you must have bicycle lights. These topics are the core of the exam.
- Healthcare: GP, health insurance, pharmacy, hospital.
- Work: contract, salary, dismissal, benefits, temp agency.
- Education: school enrollment, parent evening, internships.
- Money: bank account, taxes, allowances, payments.
- Housing: rental contract, deposit, municipality registration, nuisance.
- Traffic: right of way, bicycle, public transport, driver's license.
- Social norms: greeting, being on time, making appointments.
Practical example sentences for the KNM exam
During the KNM exam, you'll see videos of everyday situations. Then you answer questions about those situations. It's handy to know the language used in those situations. Here are example sentences you often hear or can use yourself in daily life. Practice them out loud so you recognize them on the exam.
These sentences help you not only with the exam, but also in real life. If you know what a GP says or what a landlord asks, you'll feel more confident. Read them a few times, repeat them, and try to use them in conversations.
- At the GP: 'I have an appointment at 10 o'clock. I have a sore throat.'
- At the pharmacy: 'I'm picking up my medication. Do you need a prescription?'
- At work: 'I have a contract for 32 hours a week. My salary is paid every month.'
- At the municipality: 'I want to register at this address. Do you need my passport?'
- At the housing association: 'I want to sign a rental contract. What is the deposit?'
- At school: 'I want to enroll my child in grade 3. What do I need to bring?'
- In the store: 'I want to return this, it doesn't fit. Can I get my money back?'
- In traffic: 'Can I park here? No, this is a disabled parking spot.'
Step-by-step plan: how to practice this week for the KNM exam
Good preparation is half the work. Follow this step-by-step plan and you'll notice you become more confident. Plan half an hour to an hour each day to practice. It's better to practice briefly every day than once a week for a long time.
This plan is practical and achievable. You can adjust it to your own pace, but try to do it every day. Consistency is more important than perfection.
- Monday: Choose one theme, for example healthcare. Read a text about healthcare in the Netherlands and make a list of 10 words you don't know.
- Tuesday: Watch a video about healthcare, for example about the GP. Write down what you see and what questions you might get.
- Wednesday: Do a practice exam about healthcare in the Dutch Fluency app. Look at which questions you got wrong and read the explanation.
- Thursday: Review Monday's words and practice the example sentences out loud.
- Friday: Choose a new theme, for example work. Repeat Monday and Tuesday's steps.
- Saturday: Do a full practice exam of 45 minutes. Simulate the exam situation: sit quietly, turn off your phone.
- Sunday: Look back on the week. What went well? What needs improvement? Make a plan for next week.
Common mistakes when practicing (and what works instead)
Many people make the same mistakes when practicing for the KNM exam. A common mistake is that they only make practice questions without learning the theory. Then they keep guessing and don't learn why an answer is correct. It's better to learn the topics first and then practice.
Another mistake is focusing too much on language. The KNM exam is not a language test, so you don't need to speak perfect Dutch. You do need to understand the words used in the questions. So practice with words that often come up, like 'insurance', 'rental contract', 'appointment', 'permit'.
People also make the mistake of not repeating. You don't learn everything in one go. Repetition is important to remember. Plan a review moment every week, for example on Sunday. And practice with different types of material: videos, texts, practice questions. That keeps you motivated and helps you learn better.
- Mistake: Only making practice questions without learning the theory. Fix: Learn the topics first, make notes.
- Mistake: Focusing too much on grammar. Fix: Focus on words and situations, not sentence structure.
- Mistake: Not repeating. Fix: Plan a review moment every week.
- Mistake: Only reading, not listening. Fix: Watch videos and listen to conversations.
- Mistake: No exam simulation. Fix: Do at least one full practice exam in 45 minutes.
Mini checklist for the day of the exam
On the day of the exam, you want to be calm and prepared. Use this checklist to check if you've done everything. That way, you avoid last-minute stress.
- I have brought my ID and the exam invitation.
- I know how to get to the exam center and left on time.
- I had a good night's sleep and ate something.
- I turned off my phone and put it in my bag.
- I reviewed the most important topics briefly.
- I have confidence in myself: I practiced and I can do this.
How to practice with Dutch Fluency (and why it works)
Dutch Fluency has a special module for the KNM exam. You'll find practice questions that resemble the real exam, with videos and multiple-choice questions. You get immediate feedback and explanation for each question, so you understand why an answer is right or wrong. This is much more effective than just practicing without explanation.
The app is made for newcomers and uses clear language. You can practice at your own level and pace. You see your progress and know exactly which topics you still need to improve. That way, you can practice targeted and don't waste time on things you already know.
If you seriously want to practice for the KNM exam, try the Dutch Fluency app. You can start with a free trial and then choose a subscription. It's an investment in your future, because passing the KNM exam brings you one step closer to your civic integration.
Start nu met oefenen →Practice now
- Alles over de inburgering op A2-niveau
- KNM oefenen met Dutch Fluency
- Doe een proefexamen
- Meer artikelen over leven in Nederland
Frequently asked questions
What exactly is the KNM exam?
The KNM exam is part of the civic integration process. It tests your knowledge of Dutch society, such as healthcare, work, housing, and social norms. You watch videos and answer multiple-choice questions. It's not a language test, but a knowledge test.
How long does the KNM exam take?
The KNM exam takes about 45 minutes. You watch a number of videos and then answer questions. The exact duration can vary, so check the invitation from DUO.
How many questions does the KNM exam have?
The number of questions can vary. Usually it's around 40 multiple-choice questions. It's not important to know the exact number, but to practice with different types of questions.
What is a passing score for the KNM exam?
You need at least a 6.5 to pass the KNM exam. The score is calculated based on the number of correct answers. Check with DUO what the current norm is, because it can change.
Can I practice for the KNM exam online?
Yes, there are many online practice options. The Dutch Fluency app has practice questions that resemble the real exam. You can also find practice material on the DUO website. Make sure you practice with material that is up to date.
What do I need to bring to the KNM exam?
Bring your valid ID (passport, ID card, or residence document) and the invitation from DUO. Turn off your phone and put it in your bag. It's also handy to bring a pen, but usually it's not needed.
More guides and exam tips
- Inburgeringsexamen spreken oefenen: zo beschrijf je een foto (A2)
- Het inburgeringsexamen: alle onderdelen uitgelegd (A2)
- KNM oefenen: Kennis van de Nederlandse Maatschappij (inburgering)
- Gratis oefenen voor het inburgeringsexamen (A2): zo begin je vandaag
- Staatsexamen NT2 of inburgeringsexamen: wat is het verschil?
- Staatsexamen NT2: alle onderdelen uitgelegd (B1 en B2)
- Registering for the Civic Integration Exam with DUO: How to Do It
- Civic Integration Exam A2 Complete Guide 2025
- State Exam NT2 Program I: Everything You Need to Know
- Inburgering Listening Practice A2: How to Tackle It
- NT2 Practice Exams: How to Pass Your Civic Integration Exam
- Practice NT2 Listening: How to Tackle It (A2-B1)