Spreken oefening — Inburgering A2
Oefening #631 · 2026-07-19 · niveau A2
Opdracht
Kijk naar de foto. De man wandelt in het bos in de herfst. Wat zie je op de foto? Beschrijf de situatie. Vertel wat de man doet en wat er om hem heen is.
Voorbeeldantwoord
De man loopt in het bos. De bladeren zijn geel en oranje. De man heeft een warme jas aan. Het is rustig in het bos.
Uitleg
Remember to use the present tense ('loopt', 'zijn', 'heeft') to describe what you see in the photo.