Spreken oefening — Staatsexamen NT2 B1
Oefening #2081 · 2026-09-11 · niveau B1
Opdracht
Kijk naar de foto. Je ziet een ouder die 's ochtends twee kinderen wegbrengt: het ene kind gaat met de fiets naar de sportclub, het andere kind loopt met een rugzak naar school. Je praat met een vriend of vriendin over hoe jij de ochtenden organiseert. Vergelijk de twee opties: de kinderen naar de sportclub brengen of de kinderen naar school brengen. Wat is volgens jou handiger en waarom? Je hebt 15 seconden om na te denken. Daarna spreek je ongeveer 30 seconden. Vertel: welke optie past beter bij jouw ochtend en noem twee redenen.
Voorbeeldantwoord
Nou, ik vergelijk het even. Naar school brengen is voor mij het rustigst, want de school begint altijd op dezelfde tijd en het is maar tien minuten lopen. De sportclub brengen lijkt leuker, maar dat is 's ochtends te druk met de auto en dan kom ik zelf te laat op mijn werk. Daarom kies ik ervoor om de kinderen eerst naar school te brengen en pas 's middags naar de sport te gaan.
Uitleg
You compared both options, gave two clear reasons and finished with your choice; remember to keep 'want' and 'maar' in second position at the start of a clause, and practise the 'ui' in 'huis' and 'thuis' and the 'oo' in 'school' as long clear sounds.