Dutch Fluency Dutch Fluency NT2

Spreken oefening — Staatsexamen NT2 B1

Oefening #2524 · 2026-10-20 · niveau B1

Opdracht

Je bent met een vriend(in) aan het winkelen in de stad. Jullie hebben allebei zin om iets nieuws te doen voor jullie uiterlijk. Je vriend(in) twijfelt: eerst nieuwe kleren shoppen of toch naar de kapper? Kijk naar de foto. Vergelijk de twee opties en vertel wat jij het liefst doet en waarom. Geef ook één nadeel van de andere optie. Je hebt 15 seconden om na te denken en mag daarna 30 seconden praten.

Foto bij de spreekopdracht

Voorbeeldantwoord

Ik ga liever eerst nieuwe kleren shoppen, omdat ik daar meer zin in heb. Je kunt kleren passen en meteen zien of iets staat. Naar de kapper duurt vaak lang en je weet pas achteraf of het resultaat bevalt. Het nadeel van shoppen vind ik wel dat het soms duur wordt. Dus shoppen eerst, daarna zien we wel.

Uitleg

You compared both options and gave a clear reason (meer zin, meteen zien) plus a downside (duurt lang, wordt duur), so the 'vergelijken' speech act is fully done; use 'omdat' with the verb at the end (omdat ik daar meer zin in heb) and mention both sides to score extra content points.

Oefen dit zelf met directe AI-feedback →

Meer oefenen

Alle spreken-oefeningen Staatsexamen NT2 B1Lezen oefenenLuisteren oefenenSchrijven oefenenKNM oefenen