Spreken oefening — Staatsexamen NT2 B1
Oefening #2569 · 2026-10-27 · niveau B1
Opdracht
Je bent met een vriendin een dagje uit. Jullie willen naar een museum of tentoonstelling, maar jullie kunnen maar één ding kiezen. Kijk naar de foto: je ziet een groot museum en een kleine fototentoonstelling naast elkaar. Vergelijk de twee opties en vertel welke je kiest en waarom. Noem minstens twee verschillen, bijvoorbeeld rust, prijs of hoe lang jullie blijven.
Voorbeeldantwoord
Ik kies toch liever het grote museum, want daar kan ik makkelijk twee uur rondlopen en is er veel te zien. De kleine fototentoonstelling is goedkoper en rustiger, maar ik ben er denk ik snel klaar. Omdat we de hele middag de tijd hebben, past het museum beter bij ons. En daarna kunnen we nog ergens koffie drinken.
Uitleg
You clearly compared two options with verschillen (prijs, rust, tijd) and gave a reason with 'want' and 'omdat', which is exactly what the exam wants; pay attention to the 'ij' in 'liever' and 'tijd', and notice that 'kies' keeps the correct verb form after 'ik'.